Categorie archieven: Blog

Towards a Dutch-Sino cooperation in tackling kitchen/food waste

Combating food waste is a major challenge for governments. Because of Dr2 New Economy’s previous experience in advising local governments on this topic, the Dutch Ministry of Infrastructure and Environment and the Shanghai Municipal Commission of Commerce asked Dr2 to organize an exchange of views on food waste in the Netherlands. Together with our colleagues from Dr2 Consultants Shanghai – our sister company with a focus on stimulating trade between Europe and China, we invited Dutch experts for a factfinding mission at Instock, one of the Dutch innovative companies reimagining food waste streams. Jonah Link, our colleague from Dr2 New Economy wrote a blog about the meeting:

China is one of the biggest garbage producers of the world[1]. Household & company waste in China is characterized by a relatively large proportion of kitchen waste such as (cooking-)oil and residual food elements mixed with some type of packaging. Therefore, the Shanghai Municipal Commission of Commerce was sent out to the Netherlands to gather insights on how circular economy policies have stimulated innovative market solutions in the Netherlands and gather inspiration from exemplary businesses with regards to food waste reduction and management. Monday (25 november), together with our colleague Elvis Liang from our sister company Dr2 Consultants from Shanghai, Marieke van der Werf and I received the delegation. The reception and the program were facilitated by the Dutch government.

We arranged a lunch of healthy and tasty wasted foods as well as a meeting with several experts in terms of food waste management at the restaurant Instock in Amsterdam. During the meeting we had speakers over from Instock, the Municipality of Amsterdam, Utrecht University and Wageningen University Research. Some key takeaways: Roughly a third of all food is currently being wasted. If food waste was an industry in Amsterdam, it would be the second largest emitter of CO2-emissions in the city. The city of Amsterdam as a whole spends roughly €272 million euros each year on food that is never consumed. But the Netherlands is currently moving into the right direction with many new companies and initiatives that create new value by reducing waste.

 

In order to truly reduce food waste in Shanghai, a Dutch-Sino cooperation provides an interesting opportunity in collectively tackling this issue. Moreover, the Dutch government could work towards signing a Memorandum of Understanding (MoU) with the Shanghai government for Dutch-Sino cooperation in tackling kitchen/food waste. This could result in a long-term government-to-government advisory trajectory which can in turn provide opportunities for Dutch food waste management organizations. Currently, Dr2 New Economy is asked to explore the possibilities to formalize such cooperation with Dutch food waste organizations in an instrument like Partners International Business (PIB).

Imagine the impact of food waste reduction in a city like Shanghai which is about twenty times the size of Amsterdam. Mrs Zhu Yi, Vice-Chairman and leader of the delegation said afterwards that she hoped to continue this collaboration in tackling the challenge of global food waste share and exchange knowledge, data and best practices. For that we need to move from short-term driven coping measures to actual long-term system transformation while identifying stakeholder needs, overcoming barriers while monitoring impact. Thank you Froukje Anne Karsten, Jesus Rosales Carreon and Jorrit van Kooij for your inspiring presentations and for being part of the start of something meaningful.

[1] http://documents.worldbank.org/curated/en/302341468126264791/pdf/68135-REVISED-What-a-Waste-2012-Final-updated.pdf

Vijfluik de visie van Dr2 New Economy: Toekomstbestendige materiaalkeuze

Dr2 New Economy werkt aan de transitie naar een nieuwe economie. Een van de aspecten daarvan is de circulaire economie. In een reeks blogs willen we het gesprek aangaan over wat belangrijk is om de transitie naar een circulaire economie vorm te geven. 

In deze blog aandacht voor het belang van toekomstbestendige materiaalkeuze in productontwerp.

Materiaalkeuze doet ertoe
Bij het (her)ontwerpen voor circulariteit is het van belang na te denken hoe producten zo lang mogelijk mee kunnen gaan en hoe waardevolle grondstoffen op een zo hoogwaardig mogelijk manier toegepast kunnen worden. De materiaalkeuze kan op verschillende manieren tot stand komen: een product dat lang meegaat of exact de juiste veerkracht heeft voor de benodigde toepassing. Daarbij zijn er een aantal principes die van belang zijn die in deze blog verder zullen worden toegelicht. 

Hoogwaardige functies
Bij het maken van een keus voor materialen is het van belang een goede afweging te maken tussen functie en  Zo is aluminium bijvoorbeeld erg geschikt voor complexe toepassingen in de energietransitie, maar voor een kozijn kan beter worden gekozen voor een materiaal dat minder schaars is, zoals hout.  Schaarse materialen moeten dus in een zo hoogwaardige toepassing worden ingezet en voor minder complexe toepassing is het goed om te zoeken naar materialen uit hernieuwbare bron. 

Toxische materialen elimineren
Naast de initiële keuze voor materiaal is het ook van belang om producten zo lang mogelijk binnen de economie te behouden. Maar, niet alle materialen die nu in producten gebruikt worden, zijn hier geschikt voor. Wanneer er in producten gebruik is gemaakt van toxische materialen, is het niet altijd wenselijk deze zo lang mogelijk in de keten te behouden. Een voorbeeld om dit te illustreren:

Een voorbeeld: een nieuw geproduceerd matras gemaakt van latexschuim, genaamd CircuLex. Om de matras te verbeteren in brandveiligheid worden twee (EU goedgekeurde) vlamvertragers toegevoegd aan het product. De matrasfabrikant verkocht de matrassen door aan een consument en na gemiddeld tien jaar was de eindgebruiker toe aan een nieuw matras en bracht deze naar de gemeentewerf waar duizenden van dit soort matrassen jaarlijks terechtkomen (ongeveer 5,95 miljoen Kg aan matrassen naar de werf gebracht in NL). De gemeentewerf verkoopt de matrassen door aan een fabrikant voor geupcycled autobekleding. De bekleding fabrikant verwerkt op innovatieve wijze de matras in de bekleding van auto’s en daarmee krijgt de eerder afgedankte matras een nieuwe bestemming in de circulaire economie. Een mooie oplossing zou je denken. Met de kennis van nu bleken de vlamvertragers gevaarlijke stoffen te bevatten. De innovatieve auto bekleding fabrikant had hier geen idee van en zo verdwenen de giftige stoffen uit het zicht en stapelden zij zich op binnen het circulaire systeem. Door zoveel mogelijk gebruik te maken van natuurlijke materialen kunnen deze grondstoffen aan het einde van de levensduur hergebruikt worden. Dit verkleint het op dergelijke misstanden en levert op de lange termijn nieuwe grondstoffen op voor nieuwe producten. 

Toekomstbestendige materiaalkeuze voor een circulaire economie
In een lineaire economie zijn er lineaire ketens gevormd waarbij producten per stap een toegevoegde waarde krijgen. In een circulaire economie veranderen deze ketens in een netwerk van knooppunten waar producten en materialen door circuleren. Dit creëert de urgentie te werken met natuurlijke materialen en biobased oplossingen waarbij het risico op accumulatie van niet traceerbare toxische materialen wordt geminimaliseerd en waarbij de herkomst van grondstoffen te achterhalen is. Tevens is het van belang te werken met grondstoffen met een hoge leveringszekerheid. Schaarse middelen kunnen zo in worden gezet in complexe toepassingen voor bijvoorbeeld de energietransitie, zodat de transitie steeds verder vorm krijgt en er een toekomstbestendige circulaire economie wordt gecreëerd. 

Wat doet Dr2 New Economy?
Dr2 New Economy werkt altijd toe naar implementatie. Door niet langer alleen te praten over doelstellingen en ambities, maar door concreet aan de slag te gaan met circulair ontwerp. Organisaties kunnen vervolgens een enorme impact realiseren door onderdelen van hun productieproces circulair in te richten. Meer weten over onze aanpak? Neem contact op met pepijn@dr2neweconomy.com. Interesse in onze blogs? Meld je aan voor de update door een mailtje te sturen naar iris@dr2neweconomy.com.  

Trias Emergetica: drie principes voor circulair grondstoffengebruik

In de energietransitie wordt veel gebruik gemaakt van de Trias Energetica (RVO, 2013). Dit is een vuistregel die kan worden gebruikt om een zo duurzaam mogelijke energievoorziening te realiseren. Opgebouwd uit drie afzonderlijke stappen ondersteunt de Trias Energetica het keuzeproces met een vuistregel.

Principes van de Trias Energetica
Stap 1: Beperk de energievraag
Stap 2: Gebruik hernieuwbare energiebronnen
Stap 3: Gebruik eindige (fossiele) energiebronnen efficiënt

Circulaire Economie: vuistregels voor materiaalgebruik
In de circulaire economie spelen vergelijkbare vragen bij de keuze voor grondstoffen voor het vervullen van een bepaalde functie. Per product dat wordt ontwikkeld maken ontwerpers een afweging voor welke grondstoffen ze kiezen, een keuze die op verschillende manieren impact heeft (CO2, prijs, vervuiling, schaarste). De 10R strategieën voor circulariteit (PBL, 2017) helpen makers in het nadenken over de toepassing van grondstoffen en de mogelijkheden die er zijn voor hergebruik. Dit biedt interessante denkrichtingen en nieuwe perspectieven voor innovatie en materiaaltoepassingen.

De Trias Energetica wordt breed toegepast en biedt een solide kader voor afwegingen m.b.t. duurzame energievoorziening, echter voor het maken van een keuze voor het toepassen van materiaal, zijn dezelfde principes van toepassing. Daarom introduceren wij als aanvulling op de Trias Energetica bij deze de Trias Emergetica* voor de circulariteit.

Principes van de Trias Emergetica
Stap 1. Beperk de vraag naar materialen
Stap 2. Gebruik materialen uit hernieuwbare bronnen
Stap 3. Gebruik eindige materialen efficiënt en in hoogwaardige toepassingen

Leuk zo’n hergebruikt model, maar wat hebben we er aan?
De principes uit de Trias Emergetica helpen ontwerpers in het maken van keuzes in de toepassing van materialen. Deze principes kunnen gebruikt worden in combinatie met de 10R strategieën door elke stap te gebruiken binnen een van de R’en. In deze blog zullen de principes van de Trias Emergetica worden toegepast op verschillende onderdelen van een gebouw. Hiervoor zullen de schematische schillen van gebouwen in de 6 S’en van Steward Brand (How Buildings Learn, 1994) als analytische basis dienen. In iedere schil worden andere keuzes gemaakt voor het gebruik van materialen, producten en toepassingen van energie. Per schil wordt in onderstaande afbeelding een keuze voorbeeld gegeven, gekoppeld aan een van de vuistregels van de Trias Emergetica.

Stuff – alle losse spullen die een gebouw in gaan

  • Tussen je dagelijkse boodschappen zit vaak veel verpakkingsmateriaal. In Nederland produceren we gemiddeld 490 Kg afval per persoon.
  • Verpakkingsvrije inkopen besparen per huishouden 225 kg CO2 per jaar (Pieter Pot, 2019).

Space Plan – opbouw binnenkant van een gebouw

  • Tapijt verbruikt in de productie veel energie en is lastig te hergebruiken.
  • Daar staat tegenover dat houten vloeren beter herbruikbaar zijn en een opslag zijn voor CO2 met een lager energieverbruik. Zo heeft hout een negatieve impact op geproduceerde CO2 (opslag) en tapijt een positieve (uitstoot)** (Mahalle et al., 2011).

Services – installaties in een gebouw

  • CV Ketels worden nog veel verkocht, terwijl de transitie naar aardgas vrije wijken volop gaande is. CV ketels verbruiken veel aardgas voor het verwarmen van woningen, en gebruiken daarmee veel (fossiele) grondstoffen.
  • Het is, afhankelijk van de woning, ook mogelijk om over te stappen op een warmtepomp met bodembron. Daarmee kan tot wel 50% CO2 uitstoot vermeden worden in vergelijking met een CV ketel (ongeveer 1000 Kg CO2-uitstoot voorkomen) (Milieu Centraal, 2019). Een warmtepomp maakt gebruik van elektriciteit en die wordt efficiënter opgewekt in elektriciteitscentrales, door windmolens en zonnepanelen.

Skin – opbouw buitenkant van een gebouw

  • Veel kozijnen worden momenteel gemaakt van aluminium. Aluminium is goed recyclebaar, maar heeft qua isolatie niet de juiste thermische eigenschappen en is energie intensief om te produceren.
  • Houten kozijnen** zijn minder energie intensief en hebben een 20 keer zo lage CO2-impact dan aluminium kozijnen.

Structure – constructie van een gebouw

  • De productie van staal en beton is zeer energie intensief, toch wordt er in Nederland veel gebouwd met deze materialen.
  • De netto-uitstoot van een betonnen gebouw bedraagt 870 ton, terwijl dat van een houten gebouw slechts 34 ton is.

Site – locatie van een gebouw

  • De site is op zichzelf “eternal”. De omgeving verandert, hierdoor is flexibiliteit (en modulariteit) nodig zodat gebouwen zich kunnen schikken naar de omgeving.
  • De afweging voor het gebruik van materialen is altijd context afhankelijk. Zo kan de impact van niet hernieuwbaar materiaal dat lokaal gewonnen wordt lager zijn dan materiaal uit een hernieuwbare bron dat over grote afstand getransporteerd moet worden.

Wat is het nut van een Trias Emergetica?
Het doel van de Trias Emergetica is uiteindelijk een zo hoog mogelijke functievervulling te creëren met materialen met een zo laag mogelijke ‘embodied energy’ over een zo lang mogelijke periode. Zo ondersteunt de Trias Emergetica in de keuzes die leiden tot een zo hoogwaardig mogelijke toepassing van grondstoffen, componenten en producten. Benieuwd naar de bedrijven die hier al bewust over nadenken? Neem een kijkje op https://www.startpagina-dr2neweconomy.com/

Literatuurlijst

  1. RVO, 2013
  2. PBL, 2017
  3. Pieter Pot, 2019
  4. Mahalle et al., 2011 
  5. Milieu Centraal, 2019

*Emergy is de hoeveelheid energie die direct en indirect is geconsumeerd in het ontwikkelen van een product of service.

** Het is van belang dat het hout van verantwoorde kap betreft.

Startpagina van de nieuwe economie

Het koffertje is op het binnenhof! Onze koopkracht zal toenemen en we gaan er op vooruit! Maar waar gaan we eigenlijk naar toe? Welke economie wil jij vormgeven? Dat bepalen wij eigenlijk gezamenlijk, met elke cent die wij uitgeven.

Startpagina voor de nieuwe economie

Nederland is namelijk druk met het innoveren, creëren en realiseren van prachtige nieuwe initiatieven, programma’s en projecten die ons allen inspireren een nieuwe economie te vormen. Maar ook heeft menig bedrijf een order portfolio dat vol zit met traditionele verkooporders. Hierdoor voelen zij de urgentie van de nieuwe economie niet en zien de kansen evenmin, terwijl deze transitie van alle kanten wordt bespoedigd en de mogelijkheden talloos zijn. 

Maar wat is die nieuwe economie dan?
Begrippen zoals duurzaamheid, circulariteit, biobased, social, fairtrade en holistische verdienmodellen voeren de toon van pioniers. De verantwoordelijkheid van iedere schakel in de keten wordt herdacht: de maker van een product of dienst moet hebben nagedacht over de mogelijke consequenties die een keuze heeft op de rest van de keten van toeleveranciers en afnemers, met als doel om uiteindelijk een waardevol bedrijf te zijn in een systeem waarbij het toegankelijke wordt voor iedereen om te leren, mobiliseren en consumeren in een gezonde leef- en woonomgeving. Een systeem waarbij de consument eigen- en eindeloze keuzes heeft uit proposities, waarin waardeoptimalisatie voor de natuur en mens het uitgangspunt is: generatieve diensten en producten. 

Wat?!
Wat als ik start met een kleine stap die bij mij past? Voor iedereen die nieuwsgierig is naar de kansen van de nieuwe economie is Dr2 New Economy gestart met een startpagina waar je terecht kan voor inspiratie en motivatie. Met deze inspiratie kunnen de portfolio’s klaargestoomd worden voor de nieuwe economie. Er zijn namelijk talloze voorbeelden te vinden van zowel grote als kleine bedrijven die het allemaal nét iets anders aanpakken en daarmee wat ons betreft al onderdeel zijn van de nieuwe economie.

Waarom?
Vanuit Dr2 New Economy streven wij naar een economie met minder afhankelijkheden, één die minder vervuilend of verspillend is, maar waarin juist samen positieve impact wordt gecreëerd. Een economie die groeit door een toename van gezamenlijke welzijn en ecologische stabiliteit. 

Startpagina voor de nieuwe economie
De voorbeeld initiatieven zijn gecategoriseerd in negen type activiteiten. Deze activiteiten sluiten aan bij onder andere de ladder van circulariteit (PBL, 2019), al richt dit loket zich niet alleen op de circulaire economie en het sluiten van kringlopen maar ook op biodiversiteit, herstel van natuur en sociale ondernemingen. De bedrijven opereren als een ecosysteem waarbij de processen niet lineair verlopen, maar als netwerk naar elkaar overvloeien. Hoe meer diverse bedrijven en activiteiten toe worden gevoegd, des te sterker en veerkrachtiger dit ecosysteem zal werken. Hier willen wij graag aan bijdragen!

Deze negen activiteiten worden mogelijk gemaakt door de Enablers dit zijn onder andere de kennisinstellingen, financiële instituties, certificeringen, databanken en adviesbureaus. Er bestaan tal van obstructies die de transitie naar circulair in de weg zitten: een gebrek aan kennis en geld, perverse marktprikkels, wetgeving die niet meebeweegt en een gebrek aan zichtbaarheid van de potentiële oplossingen. De Enablers zorgen ervoor dat concrete oplossingen ingebed worden in instituties waardoor de barrières in de transitie steeds verder worden weggenomen en het pad door meerdere partijen kan worden betreden. De huidige lijst met activiteiten en enablers is groeiend, dat wat nu staat is gelukkig slechts een fractie van wat er al is. Deze organisaties zijn ons in het bijzonder opgevallen, maar we hopen dat nog velen zich zullen aansluiten. Initiatieven die zich op de nieuwe economie richten kunnen zich aanmelden voor de startpagina door te mailen naar info@dr2neweconomy.com

Langer in de keten: de visie van Dr2 New Economy

Dr2 New Economy werkt aan de transitie naar een nieuwe economie. Een van de aspecten daarvan is de circulaire economie. In een reeks blogs willen we gesprek aan gaan over wat belangrijk is om de transitie naar een circulaire economie vorm te geven. 

  • Circulair in fasen;
  • Langer in de keten;
  • Toxische elementen elimineren;
  • Circulair in delen;
  • Nieuwe verdienmodellen met huidige producten.

In deze blog aandacht voor het belang van langer in de keten houden van producten.

Auteur: Jonah Link

In deze blog aandacht voor de strategie om producten langer in de keten te houden en zo meer te verdienen met de huidige middelen. De huidige verdienmodellen zijn over het algemeen verkoop georiënteerd en daarom komen de inkomsten vooral voort uit het afzetten van zoveel mogelijk producten. Dit systeem creëert een stimulans bij producenten om producten te ontwerpen met een relatief korte levensduur waarbij na gebruik een nieuw product wordt verkocht. Veel waarde gaat daarbij verloren. De circulaire economie is een economisch systeem dat is gestoeld op het idee dat grondstoffen, componenten en producten zo lang mogelijk hun waarde behouden in de keten en eindeloos in de economie kunnen circuleren. Hoewel recycling recentelijk veel aandacht heeft gekregen in het bedrijfsleven, gaat het uitbreiden van de levensduur van producten veel verder dan alleen het recyclen van materialen. Het gaat erom dat de meest waardevolle componenten van een ​​product zo lang mogelijk in de gebruiksfase worden behouden efficiënt worden benut en daarmee zoveel mogelijk waarde creëren met minder middelen.

Verdienstelijking

Veel bedrijven denken dat wanneer ze circulair willen gaan produceren ze hun gehele product moeten herontwerpen, wat in veel gevallen een grote investering vergt. Er zijn echter tal van kleinere stappen mogelijk middels het aanpassen van het businessmodel waardoor producten langer in de keten blijven en grondstoffen voor het ontwikkelen van nieuwe producten uitgespaard worden. Een voorbeeld hiervan is het aanbieden van producten via deelplatforms wat efficiënter gebruik stimuleert. Een ander voorbeeld is consumenten laten betalen voor prestaties of toegang tot een product waarbij de producent als dienstverlener optreedt. Deze modellen zorgen er voor dat producten efficiënter gebruikt worden en langer in de keten worden gehouden doordat ze gerepareerd worden i.p.v. vervangen. Zo worden minder grondstoffen te verbruiken in de productie van nieuwe producten. Het hoeft niet zo te zijn dat het gehele productieproces opnieuw moet worden ingericht. Het is juist mogelijk om van de huidige producten met een ander verdienmodel de levensduur te verlengen. Hier ontstaat ook een nieuwe doelgroep bij dat tweedehands of refurbished producten kan benutten en is het mogelijk als producent meer dienstverlenende inkomsten te realiseren, bestaande klanten nog beter te binden en voorzien van een product of dienst.

Verder zijn er enkele vuistregels die aangehouden kunnen worden in hoe lang een product, component mee zou moeten gaan. Niet in alle gevallen is het zinvol in zowel economische als ecologische zin om een product in de keten te houden. Bijvoorbeeld bij productinnovatie waar goedkopere en duurzamere alternatieven op de markt zijn gekomen die tijdens het gebruik efficiënter zijn en daarmee op korte termijn al winst opleveren. Bijvoorbeeld het vervangen van enkel glas voor dubbelglas, HR+ of HR++ glas. Het enkele glas kan vervolgens wel gerecycled worden en tot nieuw product worden verwerkt. Als hout als materiaal voor een product wordt gekozen voor bijvoorbeeld het vastleggen van CO2 dan moet het product minstens zo lang meegaan als dat het tijd gekost heeft voor de boom om te groeien. De daadwerkelijke waarde creatie van hout vindt dus pas plaats als het langer gebruikt kan worden dan het geduurd heeft om het te produceren. Wanneer iets korter gebruikt wordt is het in feite enkel een aanjager van ontbossing of een verschuiving in het gebruik van land (wat vaak gepaard gaat met ontbossing).

Inspirerende voorbeelden

Het mooie is dat het niet nodig is om een nieuw product te ontwerpen om een circulair verdienmodel te realiseren. Er zijn meerdere voorbeelden van bedrijven die juist gebruik maken van producten die al circuleren in de markt. Saneral biedt gebruikte productiemachines aan (granulators en shredders), Labmakelaar handelt in gebruikt laboratoriumapparatuur en Octopi is een online platform voor tweedehands materialen en gereedschap uit de industrie. Producten krijgen een langere levensduur door hergebruik en kunnen in combinatie met goed onderhoud de nodige dienst leveren tegen lagere kosten waarbij de productie van nieuwe goederen kan worden vermeden. Op dit moment circuleren er duizenden producten die over tien jaar de verbrandingsoven als bestemming tegemoet zien, terwijl deze door de kwaliteit met goed onderhoud nog minstens het dubbele mee zouden kunnen gaan. Dit zijn kansen en deze liggen er voor het oprapen!

Wat doet Dr2 New Economy?

Dr2 New Economy werkt altijd toe naar implementatie. Door niet langer alleen te praten over doelstellingen en ambities, maar door concreet aan de slag te gaan met circulair ontwerp. Organisaties kunnen een enorme impact realiseren door onderdelen van hun productieproces circulair in te richten en zo stap voor stap circulaire producten te realiseren.

In de volgende blog zullen we aandacht besteden aan het belang van het elimineren van toxische elementen. Interesse in onze blogs? Meld je aan voor de update door een mailtje te sturen naar iris@dr2neweconomy.com

Circulair in fasen: de visie van Dr2 New Economy

Dr2 New Economy werkt aan de transitie naar een nieuwe economie. Een van de aspecten daarvan is de circulaire economie. In een reeks blogs willen we gesprek aan gaan over wat belangrijk is om de transitie naar een circulaire economie vorm te geven. 

  • Circulair in fasen;
  • Langer in de keten;
  • Materiaalkeuze;
  • Nieuwe verdienmodellen met huidige producten;
  • Startpagina van de nieuwe economie

In deze blog aandacht een transitie naar een circulaire economie in fasen.

Steeds meer mensen zien het belang van circulaire economie in en zetten stappen met hun regio of keten. Hoewel dit een positieve ontwikkeling is, ontbreekt het debat rondom circulaire economie vaak aan concreetheid, visie en diepte. Daarom zet Dr2 New Economy in een vijfluik haar visie op de transitie naar een circulaire economie uiteen met de volgende blogs: Circulair in fases, Langer in de keten, Toxische elementen elimineren, componenten circulair, en nieuwe verdienmodellen met huidige producten. In deze eerste blog concretiseren we de betekenis van de ambitie om 50% circulair te produceren in 2030.

Doelen van het Rijk

De Rijksoverheid heeft in 2016 het Rijksbrede programma Nederland Circulair in 2050 gepresenteerd. Hierin staan drie strategische doelen geformuleerd:

  • Grondstoffen in bestaande ketens hoogwaardig benutten.
  • Fossiele, kritieke en niet duurzaam geproduceerde nieuwe grondstoffen vervangen door duurzaam geproduceerde, hernieuwbare en beschikbare grondstoffen.
  • Nieuwe productiemethodes ontwikkelen en producten herontwerpen.

Het Grondstoffenakkoord is ondertekend door veel publiek en private partijen en markeert het startpunt om de ambities van een circulair economie in 2050 te realiseren. Aan verschillende tafels is een thematische uitwerking gemaakt van de doelstellingen en vertaald in vijf transitieagenda’s Biomassa & Voedsel, Kunststoffen, Bouw & Infra, Maakindustrie en Consumptiegoederen. Hiermee wordt verdere invulling gegeven aan de doelstellingen voor 2021, 2025 en 2030.

In alle lagen van de Nederlandse samenleving wordt beleid gevormd om de markt te stimuleren circulair aan de slag te gaan en innovatieve koplopers uit het bedrijfsleven zetten stappen in hun productieproces. De noodzaak lijkt helder, de kansen ook. Dus wat staat de transitie nu nog in de weg?

Het perspectief van het bedrijfsleven

Het overgrote deel van de Nederlandse bedrijven is gewoon aan het produceren. De economie is aangetrokken en zij hebben een order portfolio dat vol zit met lineaire orders. Ze voelen de urgentie niet en zien de kansen evenmin. Aan de andere kant zijn er bedrijven die wel stappen zetten, maar bekritiseerd worden in hun uitvoering. Wat vaak verkeerd wordt begrepen en door critici wordt uitgebuit is de conceptie dat wanneer een organisatie bezig gaat met circulaire economie deze in een keer 100% circulair moet zijn. Dit is vaak haalbaar, noch wenselijk in de fase waarin we ons nu bevinden, omdat het gepaard gaat met hoge kosten en er nog veel onbekend is.

Toekomstige ambities en hedendaagse realiteit

We moeten ons dan ook niet blindstaren op 100%. De ambitie om tot een volledig circulaire economie te komen is een mooie stip op de horizon en dient vooral ter stimulering om nu stappen te gaan nemen. Innovatieve ontwikkelingen komen niet verder wanneer koplopers elkaar afstraffen voor het niet 100% voldoen aan het toekomstige ideaalbeeld. Tevens werkt het verlammend wanneer doelstellingen voor 2050 geprojecteerd worden op de huidige situatie.

Hoe nu verandering in gang te zetten?

Dr2 New Economy pleit daarom ten alle tijden voor een gefaseerde aanpak waarbij er op componenten niveau wordt gestart met circulair herontwerp. Wanneer een deel van de materialen vervangen kan worden door reeds gebruikte materialen heeft dit 100% meer impact dan wanneer er nieuwe materialen gebruikt zouden zijn. Op deze manier kan een organisatie vandaag aan de slag met circulaire economie zonder enorm veel tijd en geld te hoeven investeren in het volledig circulair doorontwikkelen van een product. Transities vergen tijd en doorlopen verschillende fases. Innovaties moeten ontwikkelen en veel kennis en kunde die nodig zijn om circulaire producten te realiseren moeten iteratief ontwikkeld worden. Daarom is het van groot belang dat organisaties zich niet blindstaren op de 100% doelstellingen voor de toekomst, maar dat ze zien wat ze nu al kunnen doen.

In de volgende blog zullen we aandacht besteden aan de eerste ingreep die veel bedrijven kunnen doorvoeren waarmee ze meer geld kunnen verdienen met de huidige middelen. Interesse in onze blogs? Lees hem hier. Meld je aan voor de update door een mailtje te sturen naar iris@dr2neweconomy.com.

Wat doet Dr2 New Economy?

Dr2 New Economy werkt altijd toe naar implementatie. Door niet langer alleen te praten over doelstellingen en ambities, maar door concreet aan de slag te gaan met circulair ontwerp. Organisaties kunnen nu direct impact realiseren door onderdelen van hun productieproces circulair in te richten. Interesse wat Dr2 New Economy daarbij voor jouw organisatie kan betekenen? Neem contact op met Pepijn Duijvestein pepijn@dr2neweconomy.com.

 

Circular economy: what went wrong?

by: Marieke van der Werf

In the beginning of June, the World Circular Economic Forum took place in Helsinki for the fourth time. Around two thousand participants, including me, were able to choose from various meetings, campfires, lunch meetings and side sessions. Europe, with the Netherlands leading the way, has clearly embraced the circular economy. The forum was well organized, presented enthusiastic speakers, and offered fine catering. So far so good.

However, some things are not heading in the right direction, in my opinion. The mood surrounding the circular economy is starting to become heavy with concern. It is the same atmosphere that used to be around the environment and sustainability and nowadays around climate change. It is a mood of: we want to, but how do we manage it? With the same frowning speakers, a similar appeal to moral responsibility, the well-known issues in the field of technology, regulation and financing and, also in Helsinki, children with banners on the stage and a pervasive call to save the world.

Well-intentioned and genuine: no doubt about that! But how is it possible that an economically promising principle ended up in this corner? Where did it go wrong?

The “circular economy” phenomenon has been put into the spotlight in Europe by the Ellen MacArthur Foundation. McKinsey calculated in 2010 that, as a result of a linear take-make-waste system, 680 billion euros worth of value is lost across the EU because of dumping or incinerating materials. As a member of parliament at that time,  I arranged for this to be calculated for the Netherlands as well. TNO came up with an amount of 7.3 billion euros, after which the circular economy became a political theme. Later studies also show this market potential. A recent study by my agency Dr2 New Economy and Metabolic for the Metropolitan Region of Amsterdam shows that 688 million euros in construction and demolition and 144 million euros in e-waste, 50% is lost due to low-value processing techniques each year.

Thus, the initial approach to the circular economy was from the perspective of its potential value but now we end up talking about the costs.

Is it because of our Calvinistic national character? Do we like problematizing? A possible explanation is that in most cases the circular economy is assigned to the people who were already working on sustainability and the environment. Driven experts, but they are too distant from their colleagues that have economy in their portfolios . We see this in the Dutch national government where the Ministry of Infrastructure and Water management manages the circular economy, with a fraction of the Ministry of Economic Affairs’ budget. The same goes for municipalities and provinces where – with a few exceptions – the circular economy falls under sustainability directors. In companies too, the circular economy has ended up at the offices of the environmental department.

Circular business models are built on value retention instead of cost reduction. This leads to a profitable business case and a sustainable economy. Organizing cycles in which materials can be used in new products, provides Europe and the Netherlands with a structural growth path, which simultaneously leads to less geopolitical dependence. It is a missed opportunity that also in the EU, this win-win concept falls under DG “Environment” instead of “Economy”.

As Dr2 New Economy, we strongly adhere to the economic perspective of a circular economy. Economy and ecology go hand-in-hand, which invariably leads to profitable and long-lasting business cases. In this way we make products (chains), companies and regions fit for the future.

And this is an extremely cheerful and optimistic affair!

Circulaire economie: waar ging het fout?

Door: Marieke van der Werf

Go to the English version of this blog

Afgelopen week vond in het Helsinki voor de vierde maal het World Circular Economic Forum plaats. Zo’n tweeduizend deelnemers, waaronder ik, konden kiezen uit diverse bijeenkomsten, campfires lunchgesprekken en side-sessions. Europa, met Nederland voorop, heeft de circulaire economie duidelijk omarmd. Het forum was goed georganiseerd, presenteerde gedreven sprekers, kende een mooi gezelschap, en bood fijne catering. So far so good.

Toch gaat er in mijn ogen iets mis. De sfeer rond circulaire economie begint zwaar van bezorgdheid te worden. Het is eenzelfde sfeer die vroeger rond milieu en duurzaamheid hing en tegenwoordig rond klimaatverandering. Het is de sfeer van: we willen wel, maar hoe krijgen we het voor elkaar? Met dezelfde fronsende sprekers, een vergelijkbaar appèl op morele verantwoordelijkheid, de bekende vraagstukken op het gebied van technologie, regelgeving en financiering en, ook in Helsinki,, kinderen met spandoeken op het toneel en een indringende oproep om de wereld te redden.

Goedbedoeld en oprecht: daarover geen twijfel! Maar hoe kan het dat een economisch zo kansrijk principe in deze hoek is terechtgekomen? Waar ging het fout?

Het fenomeen ‘circulaire economie’ is in Europa groot gemaakt door de Ellen MacArthur Foundation, die in 2010 door McKinsey liet becijferen dat als gevolg van lineaire ‘take-make -waste’- systeem,  in de hele EU voor 680 miljard euro aan waarde verloren ging door materialen te storten of te verbranden. Bij motie hebben toenmalig collega Kamerlid Stientje van Veldhoven en ik geregeld dat dit ook voor Nederland becijferd werd. TNO kwam met een bedrag van 7,3 miljard euro, waarna circulaire economie ook in de politiek opeens aanzien kreeg. Ook latere onderzoeken laten zien hoeveel waarde nog in de markt zit. Een recente studie van mijn bureau Dr2 New Economy voor het MRA-gebied laat zien dat van de 688 miljoen euro aan bouw- en sloopafval en 144 miljoen euro aan e-waste, 50% verloren gaat door laagwaardige verwerkingstechnieken.

We komen de circulaire economie dus binnen vanuit waarde maar belanden bij de kosten.

Komt dat door onze Calvinistische volksaard? Houden we van problematiseren? Zien we vooral beren op de weg? Een mogelijke verklaring is dat circulaire economie in de meeste gevallen is belegd bij mensen die al bezig waren met duurzaamheid en milieu. Gedreven experts, maar te weinig in beeld bij hun collega’s met de portefeuille economie. Dat zien we bij de landelijke overheid waar circulaire economie wordt aangestuurd door I&W, met een fractie van het budget van EZK  en bij gemeenten en provincies waar – op een paar uitzonderingen na – circulair valt onder bestuurders duurzaamheid. Ook in bedrijven is circulaire economie beland op de bureaus van de milieu-afdeling.

Circulaire businessmodellen zijn gebouwd op waardebehoud in plaats van op kostenreductie. Dat leidt tot een winstgevende businesscase én tot een houdbare economie. Het inrichten van kringlopen, waarin materialen telkens in nieuwe producten kunnen worden toegepast, levert Europa en Nederland een structureel groeipad, dat tegelijkertijd leidt minder geopolitieke afhankelijkheid. Het is een gemiste kans dat dit win-win concept ook in de EU valt onder DG ‘Environment’ in plaats van onder ‘Economy’.

Als Dr2 New Economy houden we sterk vast aan de economische invalshoek van circulaire economie. Economie en ecologie gaan hand-in-hand, wat steevast leidt tot winstgevende en lang houdbare businesscases. Op die manier maken we product(ketens), bedrijven en regio’s fit voor de toekomst. En dat is een buitengewoon vrolijke en optimistische aangelegenheid!

 

Week van de Circulaire Economie: wat is er nodig?

14 t/m 20 januari is de week van de circulaire economie. In heel Nederland worden events, workshops en masterclasses georganiseerd. Er lijkt enorm veel te gebeuren in het land, daarom willen wij uitzoomen en in deze blog ons licht op de vordering van de transitie laten schijnen.

Transities verlopen vaak via eenzelfde patroon: de status-quo wordt doorbroken door disrupties en conflicten, gevolgd door een periode van chaos waarin de nieuwe machtsverhoudingen en bijbehorende randvoorwaarden van het nieuwe systeem worden bepaald. Volgens stabiliseert de situatie weer en ontstaat er een nieuwe status quo. Dit proces heeft zich door de geschiedenis heen talloze keren voorgedaan en ook nu zitten we in zo’n kantelperiode.

De status-quo van de lineaire economie is niet langer houdbaar. Negatieve gevolgen van dit systeem worden steeds meer zichtbaar en meer en meer mensen mobiliseren zich en initiëren verandering.

De transitie naar de nieuwe economie wordt echter veel te vaak vanuit een technocratisch perspectief benadert. Het nieuwe systeem vraagt niet alleen om technische oplossingen maar juist ook om het ontwikkelen van nieuwe waarde proposities: het vergt fundamentele veranderingen in ons waardesysteem en de perceptie van onze behoeften.

Wanneer je op dagelijkse basis bezig bent met milieuvraagstukken, circulaire economie en energietransitie zie je dat er ongelofelijk veel gebeurt om de nieuwe orde vast te stellen. De verschillen tussen het oude- en het nieuwe systeem zijn echter enorm. De oude structuur is hiërarchisch en verzuild met enorme verschillen in de maatschappij. Het nieuwe systeem bestaat uit netwerken en gemeenschappen die decentraal georganiseerd zijn, waarbij waard creatie voor mens, ecologie en economie het doel is.

Deze verandering gaat echter niet vanzelf. Mensen zijn gewoontedieren en verandering gaat vaak gepaard met weerstand. Er is een goede eerste aanzet gegeven, maar er is nog veel meer voor nodig om richting de nieuwe economie te komen. Er zijn dappere individuen nodig die buiten de gebaande paden durven te treden, die als proefkonijn nieuwe randvoorwaarden durven te scheppen, want als we één ding leren uit de transitiekunde is het dat transities mensenwerk zijn.

Er zijn tal van pioniers die samen het vliegwiel van de circulaire economie aanzwengelen. Het project Schoonschip, waar onze collega Pepijn nauw bij betrokken is, is een mooi voorbeeld waar 30 vastberaden innovators de eerste duurzame wijk op water bouwen. Eigenhandig gaan deze individuen aan de slag en ze laten zich niet laten tegenhouden door bestaande gebruiken, belemmerende wet-of regelgevingen. Met hun acties creëren ze een ecosysteem van bouwers, installateurs, aannemers, architecten en leren zo samen met alle betrokkenen hoe deze transitie moet worden vormgegeven. Zulke pioniers creëren de paden die in de toekomst door iedereen bewandeld zullen worden en bouwen zo mee aan de nieuwe economie. Wil je meer weten over Schoonschip? Lees dan hier hun nieuwste blog.

Dr2 New Economy gelooft in deze aanpak. Daarom steken wij samen met onze partners en opdrachtgevers onze nek uit, banen nieuwe paden, brengen innovaties naar de markt, stoten onze kop en strijden voor de nieuwe economie die we aan het vormen zijn. Zo gaan wij niet voor een minder-slecht scenario, maar creëren wij positieve impact door samen die nieuwe behoefte te toetsen en een nieuwe waarde propositie te ontwikkelen.

 

Geschreven door: Iris Grobben

Topmanager bedankt!

Gister was Trouw wel wat kort door de bocht in mijn optiek om jullie STAR te noemen. (zie artikel: Topmanagers zijn te star voor een groene economie: ‘Ik ben niet zo’n cursustype’)

Want jullie zijn wel degelijk sterren die een aantal dingen voor elkaar hebben gekregen. Jullie hebben knap ons uit economische crisissen gehaald met de ziekelijke business modellen.

Ik wil jullie daarvoor bedanken dat jullie die verantwoordelijkheid hebben genomen voor het creëren van deze sterke economie, voor jullie eindeloze en moedeloze inzet voor het creëren van werkgelegenheid, winst, aandeelhouders tevredenheid, innovatie, continu nieuwe product ontwikkelen. Dat jullie hebben gezorgd dat de consument keuzes genoeg heeft, zodat ze het gevoel hebben dat hun persoonlijk behoefte vervuild kan worden met prachtige producten waarin ze zichzelf herkennen dan wel spiegelen. Ik wil jullie bedanken voor het creëren van een marktvraag zodat wij opeens dachten dat we producten nodig hebben, waarmee we ons allen kunnen verrijken aan externaliteiten en korte geluksmomenten.

Jullie hebben beoefend wat de studies moesten duiden: winstoptimalisatie, de focus op terugverdientijden, het creëren van slimme strategieën zodat organisaties konden groeien en schalen, de concurrentie voorblijven, consumenten analyses en -profielen maken zodat je met je bedrijf de markt kon veroveren!

Zo weet ik nog goed dat ik tijdens mijn studie ook de ‘economische terugverdientijd’ moest berekenen voor bepaalde producten. Hiermee zorgde je dat de klant terugkwam om je volgende product te kopen. Dus je leerde je technische ontwerp aan te passen zodat het kapot ging. Ergens anders leerde ik weer dat het loon gebaseerd is op verantwoordelijkheid. In een tabel was van schoonmaker, buschauffeur, teamleider, pilot tot topmanager duidelijk te zien dat afhankelijk van de hoeveelheid mensen waarvoor jij verantwoordelijk was, je loon hoger was, zodat dat je meer kon verdienen.

Vaak begreep ik de topmanager niet en ik oordeelde over hun. Ik begreep niet hoe zij aan het leiden waren en had het gevoel dat ik zelf (te ver) voor de groene troepen uit liep. Ik dacht, het kan toch nu allemaal al veel groener? Hoezo winst? Waarom niet waarde? Ik heb het geluk gehad een aantal grote topmanagers persoonlijk te mogen ontmoeten en toen begreep ik pas welk speelveld jullie je soms in bevinden. De organisatie en aandeelhouders tevreden houden, verantwoordelijkheden van zo’n grote organisatie, veiligheid en iedereen zijn baan. Hoe lastig het mij lijkt dat je al die belangen in stand moet houden terwijl je een organisatie wil vergroenen.

Maar tijdens al dit verrijken en (terug)verdienen zijn wij vergeten dat het ons ook iets heeft gekost; mensen aan de andere kant van de wereld leven in barre omstandigheden en de constante groei gaat ten kosten van onze aarde en ik denk ook soms van onszelf. Ten kosten van ons natuurlijke bestaan. We debatteren over het redden van het klimaat en marcheren op straat met gele hesjes omdat we ons bedonderd voelen door grote machten.

Dus laten we kijken hoe we deze energie omzetten in nieuwe mogelijkheden en waarbij we kunnen ontdekken welk ander leiderschap er nodig is. In mijn optiek meer gezamenlijk- en persoonlijk leiderschap waarin we de verantwoordelijkheid nemen voor onze arbeid, wereld en onszelf. Er wordt gesproken over een transitie naar een groene economie. Eentje waar we in mijn optiek allemaal aan kunnen verdienen en waar een heleboel leuks in te doen is. Eentje waarin persoonlijke ontwikkeling en echte verbindingen met elkaar een grote rol zullen spelen, wat zorgt voor een oprecht en groeiend geluk.

Het gezamenlijk creëren van generatieve businessmodellen waarbij waardeoptimalisatie voor de natuur en mens het uitgangspunt is en de consument eigen en eindeloze keuzes heeft. Organisatie waarbij je zelf een aandeel hebt, eigen verantwoordelijken en macht. Een echte leider is een leider die het bedrijf begeleid naar een nieuwe economische perspectief: New Economy 2030. Daar kan je vandaag al mee beginnen!

Dan mag het hesje ook weer aan de wilgen en kan de topmanager blijven doen waar die goed in is: grote organisaties en al de belangen managen, een menselijke organisatie die bezig is met de veranderlijk mooie wereld te vertalen naar generatieve producten en zo consumenten ervan te overtuigen deze te gebruiken. Daar hebben ze inderdaad geen cursus voor nodig.